Peranakan Special

Tekst: Francine Brinkgreve en Joke Leijfeldt - Webversie: Richard van Alpen en Sanne de Vries

Al eeuwen geleden emigreerden Chinezen naar de Indonesische archipel. Het waren handelaren, afkomstig uit zuidelijke Chinese provincies. Sommigen huwden Indonesische vrouwen, kreeg er kinderen en bleef voorgoed. Nakomelingen van Chinese en Indonesische voorouders werden Peranakan Chinezen genoemd. Peranakan is afgeleid van het woord anak dat ‘kind’ betekent. In de Peranakan cultuur zijn Chinese tradities vermengd met die uit de Indonesische archipel.

 

Chinese migratie

In de twaalfde eeuw ontwikkelde China zich als zeemacht. Handelaren uit de zuidelijke provincies Guandong en Fujian voeren naar Indonesië. Ze kwamen in hun jonken en voeren op de noordelijke moessonwinden. Hun handelswaar bestond onder meer uit zijde en porselein. Schepen moesten soms maandenlang wachten in de havens van Java en Sumatra. Zij konden namelijk enkel terugvaren met zuidelijke moessonwinden, richting China. Sommigen van de handelaren en handwerkslieden besloot te verhuizen naar de Indonesische eilanden. Zij trouwden met Indonesische vrouwen.

Tussen 1860 en 1925 vond massale emigratie vanuit China plaats. Het waren vooral contractarbeiders die naar Indonesië kwamen. Vanaf het einde van de negentiende eeuw mochten ook Chinese vrouwen naar Indonesië emigreren. Daarom kwamen gemengde huwelijken vanaf toen minder vaak voor.

In begin van de twintigste eeuw raakte de Chinese sociale bovenlaag ook door anderen geïnspireerd. Ze namen de tradities en gebruiken van de stedelijke elite in het voormalige Nederlands-Indië over. Zij kregen Nederlands onderwijs. Ook lieten ze hun kinderen, indien mogelijk, in Nederland studeren.

 

Vermenging van culturen

Door de import van goederen, immigratie en huwelijken raakten op de verschillende Indonesische eilanden Chinese en lokale tradities vermengd. Er was sprake van een wisselwerking. Chinese ambachtslieden, zoals goud- en zilversmeden, meubelmakers en lakwerkers, introduceerden in de Indonesische kunstnijverheid nieuwe technieken en versieringsmotieven.

Peranakan Chinezen gingen vaak de taal van hun nieuwe vaderland spreken. Op Java droegen Peranakan vrouwen sarong en kebaya, versierd met Chinees borduurwerk en de Javaanse batiktechniek. De heldere kleuren en decoraties met vlinders en chrysanten waren geïnspireerd op de Chinese traditie.

Ook de Indonesische traditie van het sirih pruimen werd vaak door Peranakan Chinezen overgenomen. De sirih-stellen, waarin de ingrediënten van de sirih-pruim werden bewaard, waren veelal Indonesisch van vorm. Ze waren echter versierd met Chinese motieven. Dit gold ook voor gouden en zilveren sieraden.

Het lakwerk uit Palembang is het product van een unieke samenwerking. Indonesische houtbewerkers vervaardigden de houten voorwerpen en Chinezen beschilderden en lakten ze.

Aan de noordkust van Java waren Peranakan Chinezen actief in de batikindustrie. Javaanse vrouwen weefden en batikten doeken voor eigen gebruik. De Peranakan Chinezen ontwikkelden het tot handelsproduct.

 

Het huwelijk

Het huwelijk was in de traditionele Chinees-Indonesische samenleving een van de belangrijkste rituelen in een mensenleven. Het waarborgde het voortbestaan van de familienaam. Het verzekerde nakomelingen die de verzorging van het voorouderaltaar op zich konden nemen. Men trouwde binnen de eigen sociale klasse.

Tot het begin van de twintigste eeuw werden huwelijken binnen de Peranakan gemeenschap gearrangeerd. Ouders zochten in hun kennissenkring naar een geschikte partner voor hun kind. Ze konden ook een huwelijksbemiddelaar inschakelen. Later koos men zelf een huwelijkspartner, maar vroeg wel om goedkeuring van hun ouders.

Wanneer beide families instemden met het huwelijk, bracht de familie van de jongen een formeel bezoek aan de familie van het meisje. Ze overhandigden diverse geschenken en gerechten. De familie van de bruid schonk onder meer  kleding aan de bruidegom. Nadat de Chinese kalender was geraadpleegd, werd een gunstige datum voor het huwelijk bepaald.

Tot ongeveer 1920 trouwde men in Chinees bruidskostuum. Dat leek op de officiële kleding die aan het Chinese keizerlijk hof werd gedragen. Deze gewoonte kwam overeen met de traditie die in veel Indonesische culturen voorkomt. Een gewoonte waarbij het bruidspaar als koninklijk paar voor één dag (raja sehari) wordt beschouwd.

Na 1919 moesten huwelijken van Chinezen in Nederlands-Indië voldoen aan de Nederlandse wetgeving. Het werd toen gebruikelijker om in westers pak en witte trouwjurk te trouwen.


Tentoonstelling "Verbinding van culturen"

De heer Sioe Yao Kan schonk Museum Volkenkunde een collectie voorwerpen afkomstig van zijn eigen familie. Dankzij hem werd nu voor het eerst in een tentoonstelling aandacht besteed aan de Peranakan Chinezen.

Het topstuk van de tentoonstelling was het bruidskostuum waarin de grootmoeder van de heer Kan, Han Tek Nio, in 1901 trouwde. Daarom stond de huwelijksceremonie van Chinezen uit Indonesië centraal in deze tentoonstelling. 

"Verbinding van culturen" werd mogelijk gemaakt door het Kan Sioe Yao Fonds. Ontdek meer over de Peranakan-collectie op de collectiewebsite.